Direct naar
Inhoud

Reglementen

HISWA

   HISWA ALGEMENE VOORWAARDEN HUUR EN VERHUUR LIG- EN/OF BERGPLAATSEN
voor vaartuigen en aanverwante artikelen

 

Deze Algemene Voorwaarden Huur en Verhuur van Lig- en/of Berg­pla­atsen van HISWA Vereniging (Nederlandse Vereniging van Onderne­mingen in de Bedrijfstak Waterrecreatie) zijn tot stand gekomen in overleg met de Consumentenbond en de ANWB in het kader­ van de Coördinatiegroep Zelfreguleringsoverleg van de Sociaal-Economische Raad. Gedeponeerd ter Griffie van de Recht-bank te Amsterdam op 1 april 2011.

HISWA Vereniging zal tegen misbruik optreden om de gewenste exclusiviteit ook daadwerkelijk te kunnen realiseren. Leden worden dan ook verzocht het HISWA-kantoor te informeren wanneer misbruik wordt geconstateerd. Ter versterking is copyright gevestigd op de diverse teksten.

 

ARTIKEL 1 - DEFINITIES

De in deze Algemene Voorwaarden genoemde bedragen zijn inclusief BTW. In deze voorwaarden wordt verstaan onder:               

  1. Ondernemer: natuurlijke of rechtspersoon die als lid van HISWA Vereniging een overeenkomst sluit betreffende het tegen betaling ter beschikking stellen van een lig- en/of berg-plaats voor een vaartuig en/of deel van een vaartuig.  
  2. Consument: natuurlijke persoon die niet handelt in de uitoe-fening van een beroep of bedrijf en die een overeenkomst aangaat met betrekking tot het gebruik van een lig- en/of bergplaats voor een vaartuig en/of deel van een vaartuig.
  3. Vaartuig: een voorwerp dat is ingericht om op het water te verblijven en te bewegen bestemd voor sportbeoefening of vrijetijdsbesteding, inclusief de daarvan deeluitmakende uit-rustingstukken en inventaris, alsmede een casco of een vaar-tuig in aanbouw.
  4. Lig- en/of bergplaats: een door de ondernemer aan de con-sument of de passant ter beschikking gestelde ruimte op de wal of in het water ten behoeve van de plaatsing van een vaartuig en/of een deel van een vaartuig.   
  5. Passant: een derde die met de ondernemer een huurover-eenkomst met betrekking tot een ligplaats aangaat waarbij de huurprijs per dag in rekening wordt gebracht en op wie de ar-tikelen 4, 5 lid 1, en de artikelen 6 en 7 van deze voorwaar-den niet van toepassing zijn.
  6. Huurovereenkomst: de overeenkomst waarbij de onderne-mer zich verbindt om de consument of de passant tegen be-taling een lig- en/of bergplaats in gebruik te geven.
  7. Elektronisch: per e-mail of website.
  8. Bezoeker: een derde, geen contractant, die het haventerrein bezoekt dan wel bij een contractant van de ondernemer op be­zoek is.
  9. Jaarhuur: de huurperiode van 1 april van een bepaald jaar tot 1 april van het daarop volgende jaar (tenzij anders overeen-gekomen).
  10. Zomerseizoen: de periode van 1 april tot 1 oktober in een be­paald jaar.
  11. Winterseizoen: de periode van 1 oktober van een bepaald jaar tot 1 april van het daarop volgende jaar.
  12. Winterberging: de al dan niet overdekte berging op de wal ge­durende de winterperiode van tenminste 15 november van een be­paald jaar tot 15 maart van het daarop volgende jaar; de winterberging omvat tevens het hellingen, het in de win­terberging plaatsen alsmede het te water laten van het vaar­tuig, tenzij schriftelijk anders is overeengekomen.
  13. Haventerrein: de haven en de bijbehorende (parkeer)terrei-nen en gebouwen.
    1. Havenreglement: regels van huishouding, gedrag en orde.
  14. Geschillencommissie: de Geschillencommissie Waterrecrea-tie te Den Haag.

 

ARTIKEL 2 - DE TOEPASSELIJKHEID

1.   Deze voorwaarden zijn van toepassing op overeenkomsten van huur en verhuur van lig- en/of bergplaatsen voor vaar-tuigen en aanverwante artikelen.

2.   In de overeenkomst van huur en verhuur is tevens begrepen de ruimte die nodig is om maximaal één bij het vaartuig be-



horen­de bijboot of zeilplank te stallen, mits daardoor niet meer ruimte wordt ingenomen dan door de ondernemer aan de desbe­treffende consument wordt verhuurd.

3.   Deze voorwaarden kunnen zijn vertaald vanuit de Neder-landse taal in een vreemde taal. In geval van mogelijke ver-schillen in de teksten, die het gevolg van deze vertaling zijn, preva­leert de Nederlandse tekst.

 

ARTIKEL 3 - DE OVEREENKOMST

1.   De overeenkomst komt tot stand door aanvaarding van het aanbod door de consument. In geval van een elektronische opdrachtverlening stuurt de ondernemer een elektronische bevestiging naar de consument.

2.   De overeenkomsten worden bij voorkeur schriftelijk danwel elektronisch vastgelegd.

3.   Van een schriftelijke overeenkomst dient een afschrift aan de consument te worden verstrekt.

 

ARTIKEL 4 - DE VERSCHULDIGDHEID VAN DE HUURSOM

  1. Bij het sluiten van de overeenkomst kan de ondernemer met  de consument een vooruitbetaling  overeenkomen van:
    -     ten hoogste 50 procent van de huursom bij een boeking
          binnen 3 maanden vóór aanvangsdatum van de huur-
          periode;
    -     ten hoogste 25 procent van de huursom bij een boeking
          langer dan 3 maanden vóór aanvangsdatum van de huur-
          periode. 
  2. De consument blijft de totale huursom verschuldigd ook al maakt hij tijdelijk geen gebruik van het gehuurde.
  3. Wanneer een vaartuig na de periode van de winterberging niet te water behoeft te worden gelaten, is een tussen partij-en nader overeen te komen huursom verschuldigd voor de ingenomen ruimte. Dit geldt onverminderd de vergoeding van noodzakelijk te maken verplaatsingskosten.

 

ARTIKEL 5 - BETALINGSVOORWAARDEN

  1. Betaling van de huursom moet binnen tien werkdagen na ont­vangst van de factuur, doch uiterlijk op de aanvangsda-tum van de overeengekomen huurperiode, op het kantoor van de ondernemer of door overmaking naar een door de ondernemer aan te wijzen bank­rekening ge­schieden.
  2. De consument is in verzuim vanaf het verstrijken van de be-talingsdatum. De ondernemer zendt na het verstrijken van die datum een betalingsherinnering en geeft de consument de gelegenheid binnen veertien dagen na ontvangst van de-ze betalingsherinnering te betalen.    
    Als na het verstrijken van de termijn genoemd in de beta-lingsherinnering nog steeds niet is betaald en de consument zich niet op overmacht kan beroepen, is de ondernemer ge-rechtigd rente in rekening te brengen vanaf het verstrijken van de betalingsdatum. Deze rente is gelijk aan de wettelijke rente plus 3% op jaarbasis over het verschuldigde bedrag.
  3. Indien de consument na verzending van de betalingsherin-nering in gebreke blijft het verschuldigde bedrag te betalen, is de ondernemer bovendien gerechtigd het in lid 2 genoem-de bedrag met de incassokosten te verhogen.             

    Buitengerechtelijke kosten zijn alle kosten die door de on-dernemer in rekening moeten worden gebracht voor advo-caten, deurwaarders en ieder ander van wie hij zich bedient voor de invordering van het verschuldigde bedrag.
    De buitengerechtelijke kosten worden vastgesteld op:     
    15% over de eerste € 2.500,-- van het verschuldigde bedrag;
    10% over de volgende € 2.500,-- van het verschuldigde be-drag;
    5% over de daarop volgende € 5.000,-- van het verschuldig-de bedrag;     
    1% over de daarop volgende € 15.000,-- van het verschul-digde bedrag.
  4. Klachten over facturen dienen, bij voorkeur schrifte­lijk en be-hoorlijk omschreven en toegelicht, binnen bekwame tijd na ontvangst van de desbetreffende factuur, bij de ondernemer te worden ingediend.

 

ARTIKEL 6 - ANNULERING

1.   Indien de éérste huurovereenkomst meer dan drie maanden vóór aanvang van de huurperiode tot stand is gekomen, kan de consument de overeenkomst annuleren tot drie maanden vóór aanvang van de huurperiode. In dat geval is de consu-ment 25% van de overeenge­komen huursom verschuldigd.

2.   In geval van annuleren binnen een periode van drie maan-den tot twee weken vóór aanvang van de huurperiode is de consument 50% van de overeengekomen huursom ver-schuldigd.

3.   In geval van annuleren binnen twee weken vóór aanvang van de huurperiode is de consument de volledige overeengeko-men huursom verschuldigd.

4.   De in de voorgaande leden bedoelde annulering dient schrif-telijk of per e-mail te geschieden.­­

 

ARTIKEL 7 - DUUR EN VERLENGING VAN DE HUUR

1.   De huurovereenkomst wordt aangegaan voor een periode van één jaar en wel van 1 april van een bepaald jaar tot 1 april van het daarop volgende jaar, tenzij anders door par-tijen wordt overeengekomen.

2.   De huurovereenkomst die voor één jaar dan wel voor het zo-mer‑ of winterseizoen geldt, wordt geacht stilzwijgend onder de­zelfde voorwaarden - behoudens het in lid 3 gestel­de - en voor dezelfde periode te zijn verlengd, tenzij uiter­lijk drie maanden vóór het begin van de nieuwe huurperi­ode de overeenkomst schriftelijk of per e-mail door één van beide par­tijen is op­gezegd.

3.   De ondernemer kan uiterlijk drie maanden vóór het begin van de nieuwe huurperiode de huursom wijzigen. In dat geval heeft de consument het recht om binnen vijftien werkdagen na ont­vangst van het bericht alsnog de huurovereenkomst op te zeggen.    
Dit laatste geldt niet indien de huursom wordt gewijzigd naar aanleiding van een lastenverzwaring aan de zijde van de on-dernemer als gevolg van een wijziging van belastingen, hef­fingen en dergelijke die mede de consument betreffen.

 

ARTIKEL 8 - RETENTIERECHT EN             
                        HET RECHT VAN VERKOOP

  1. De ondernemer is gerechtigd het vaartuig van de in verzuim zijnde consument onder zich te houden, totdat deze het to-taal verschuldigde bedrag heeft voldaan. Hiertoe worden ook gere­kend de kosten die voortvloeien uit dit retentierecht.
  2. Het retentierecht van de ondernemer vervalt, indien sprake is van een geschil als bedoeld in artikel 15, de consument dit geschil aanhangig heeft gemaakt bij de in dat artikel ge-noem­de Geschillencommissie en voorts de consument aan de ondernemer heeft bevestigd dat hij het verschuldigde be-drag bij de Ge­schillencommissie in depot heeft gestort.
  3. Indien de consument na sommatie in gebreke blijft het ver-schuldigde bedrag te voldoen en de waarde van het vaartuig en alle daarvoor bestemde materialen en toebehoren niet meer bedraagt dan € 10.000,-- heeft de ondernemer, zonder gerechtelijke tussenkomst, het recht van verkoop en levering   

    mits:
    -     de ondernemer de consument bij aangetekend schrijven
          tot betaling heeft aangemaand en de consument zes
          maanden na datum van dit aangetekende schrijven het
          verschuldigde bedrag nog niet heeft voldaan of de vorde-
          ring schriftelijk en gemotiveerd heeft betwist, en         
    -     de ondernemer na het verstrijken van voornoemde perio-
          de van zes maanden de consument bij deurwaardersex-
          ploot wederom heeft aangemaand het verschuldig­de be-
          drag binnen vijftien werkdagen te voldoen en betaling
          wederom uitblijft.  
  4. Het recht van verkoop vervalt indien de consument zich tot de in artikel 15 genoemde Geschillencom­missie heeft ge-wend en het door hem verschuldigde bedrag bij deze com-missie in depot heeft gestort.
  5. Op de ondernemer rust de verplichting om het eventuele verschil tussen de verkoopopbrengst en het door de consu-ment verschuldigde bedrag, indien mogelijk, aan de consu-ment te voldoen.
  6. De consument is in voorkomende gevallen verplicht om, in-dien het vaartuig op zijn naam te boek is ge­steld, medewer-king te verlenen aan doorhaling van deze teboekstelling.

 

ARTIKEL 9 - BIJZONDERE RECHTEN EN VERPLICHTINGEN
                  VAN DE CONSUMENT

  1. De consument moet het havenreglement en de aanwijzingen wat betreft de huurovereenkomst van of namens de onder-nemer nakomen.
  2. De consument is verplicht zijn vaartuig in een goede staat van onderhoud te houden.  
  3. In het geval van mogelijke verschillen in de tekst tussen de-ze voorwaarden en het havenreglement prevaleren deze al-gemene voorwaarden.
  4. Op het haventerrein mogen werkzaamheden die niet het da-gelijks onder­houd betreffen alleen met toestemming van de ondernemer door de consument worden verricht. De onder-nemer moet, na kennisgeving, toelaten dat derden werk-zaamheden ter plaatse verrichten voor zover het garantie-werkzaamheden van of namens de leverancier betreft. Voor alle andere werkzaamheden van derden is toestemming no­dig van de ondernemer.
  5. Onderhuur of bruikleen van het gehuurde is niet toegestaan.
  6. Het is de consument verboden het in de haven afgemeerde vaar­tuig of de ligplaats tot een voorwerp van commerciële activi­teit te maken. Onder dit laatste wordt mede verstaan het aan­brengen van daartoe strekkende borden, mededelingen, aan­dui­dingen enz. in de haven en/of op het vaartuig en het in de ha­ven te koop aanbieden van het vaartuig.
  7. De consument is verplicht zijn vaartuig en toebehoren tegen wettelijke aansprakelijkheid te verzekeren gedurende de tijd dat hij gebruik maakt van de lig- en/of bergplaats. De onder-nemer heeft het recht van inzage in de desbetreffende polis van de huurder.
  8. De consument wordt geadviseerd zijn vaartuig en toebeho-ren ook tegen cascoschade te verzekeren.              

ARTIKEL 10 - BIJZONDERE RECHTEN EN             
                          VERPLICHTINGEN VAN DE ONDERNEMER

  1. De ondernemer is verplicht behoorlijk toezicht te houden om de goede gang van zaken op het haventerrein en op de vaartui­gen te handhaven.
  2. Indien gevaar voor schade dreigt of de veiligheid in gevaar zou kunnen worden gebracht, is de ondernemer gerechtigd om op kosten van de consument de noodzakelijke voorzie-ningen te tref­fen. In spoedgevallen mag de ondernemer dit doen zonder waar­schuwing; in alle andere gevallen indien de consument niet bin­nen een redelijke termijn aan zijn waarschuwing gehoor heeft gegeven.
  3. De ondernemer is gerechtigd om een vrijgekomen ligplaats te verhuren, mits de consument hierdoor op geen enkele wijze in zijn huurrechten wordt gestoord.    

ARTIKEL 11 - AANSPRAKELIJKHEID EN RISICO

  1. De ondernemer verleent aan de consument de mogelijkheid om zijn vaartuig en/of aanverwante artikelen te plaatsen bij de ondernemer. De ondernemer is jegens de consument slechts aansprakelijk voor schade aan het vaartuig of andere zaken indien die schade het gevolg is van een tekortkoming die is toe te rekenen aan de ondernemer, aan personen in zijn dienst, dan wel aan personen die door hem zijn aange-steld voor de uitvoering van werkzaamheden.
  2. Ten aanzien van de wederzijdse verplichtingen, de aanspra-kelijkheid en het risico conformeren partijen zich over en weer - voor zover in deze voorwaarden daarvoor geen afwij-kende bepaling is opgenomen - aan de wettelijke bepalingen van Boek 7 titel 4 Burgerlijk Wetboek, welke bepalingen be-trekking hebben op de huurovereenkomst. Dit geldt onge-acht de kwalificatie van de overeenkomst.
  3. De vaartuigen zijn/worden niet door de ondernemer verze-kerd. De consument dient zelf zorg te dragen voor een af-doende verzekering. Het door de consument niet afdoende verzekeren van het vaartuig tegen casco-schade komt voor risico van de consument.
  4. De consument is jegens de ondernemer aansprakelijk voor schade die wordt veroorzaakt door een tekortkoming die is toe te rekenen aan hemzelf, aan zijn gezinsleden, aan per-soneels­leden dan wel aan door de consument genodigden.        

ARTIKEL 12 - KLACHTEN

  1. Klachten over de uitvoering van de overeenkomst moeten schriftelijk of elektronisch en behoorlijk omschreven en toe-gelicht, binnen bekwame tijd nadat de consument de onvol-komenheid heeft geconstateerd of heeft kunnen constate-ren, ter kennis worden gebracht van de ondernemer.
  2. Niet-tijdig indienen van de klacht kan tot gevolg hebben dat de consument zijn rechten ter zake verliest, tenzij de over-schrijding van de termijn in redelijkheid niet aan de consu-ment kan worden tegengeworpen.
  3. Als duidelijk is geworden dat de klacht niet in onderling over-leg kan worden opgelost, is er sprake van een geschil.

 

ARTIKEL 13 - ONTBINDING OVEREENKOMST

Onverminderd het recht om nakoming te vorderen geeft een we­zenlijke wanprestatie of toerekenbare tekortkoming van de con-sument dan wel van de ondernemer in de nakoming van één van hun verbintenissen aan de ondernemer respectievelijk de consu-ment de bevoegdheid om zonder gerechtelijke tussenkomst de huurover­een­komst terstond te ontbinden.             
In geval van ontbinding van de huurovereenkomst als gevolg van een wezenlijke wanprestatie of toerekenbare tekortkoming kan aanspraak worden gemaakt op vergoeding van eventuele scha-de en op betaling van alle, ook niet direct opeisbare, vorderin-gen.

 

ARTIKEL 14 - RECHTSKEUZE     
Op alle geschillen met betrekking tot deze overeenkomst is Ne-derlands recht van toepassing, tenzij op grond van dwingende regels ander nationaal recht van toepassing is.

 

ARTIKEL 15 - GESCHILLENREGELING

  1. Geschillen tussen consument en ondernemer over de tot-standkoming of de uitvoering van overeenkomsten met be-trekking tot door deze ondernemer te leveren of geleverde diensten en zaken, waarop deze voorwaarden van toepas-sing zijn, kunnen zowel door de consument als door de on-dernemer aanhangig worden gemaakt bij de Geschillencom-missie Waterrecreatie, Bordewijklaan 46, Postbus 90600, 2509 LP Den Haag (www.sgc.nl).
  2. Een geschil wordt door de Geschillencommissie slechts in behandeling genomen, indien de consument zijn klacht eerst bij de ondernemer heeft ingediend..
  3. De Geschillencommissie neemt slechts een geschil in behan-deling indien met het geschil een bedrag van niet meer dan
    € 14.000,-- is gemoeid.
  4. Geschillen waarvan het financieel belang het bedrag van
    € 14.000,-- te boven gaat, kunnen alleen door de Commissie worden behandeld indien beide partijen hiermee uitdrukkelijk instemmen.
  5. Nadat de klacht bij de ondernemer is ingediend, moet het geschil uiterlijk drie maanden na het ontstaan daarvan bij de Geschillencommissie aanhangig worden gemaakt.
  6. Wanneer een consument een geschil aanhangig maakt bij de Geschillencommissie, is de ondernemer aan deze keuze ge-bonden. Indien de ondernemer een geschil aanhangig wil maken bij de Geschillencommissie, moet hij de consument vragen zich binnen vijf weken uit te spreken of hij daarmee akkoord gaat. De ondernemer dient daarbij aan te kondigen dat hij zich na het verstrijken van de voornoemde termijn vrij zal achten het geschil bij de rechter aanhangig te maken.
  7. De Geschillencommissie doet uitspraak met inachtneming van de bepalingen van het voor haar geldende reglement.               
    De beslissingen van de Geschillencommissie geschieden krachtens dat reglement bij wege van bindend advies. Het re-glement wordt desgevraagd toegezonden. Voor de behande-ling van een geschil is een vergoeding verschuldigd.
  8. Uitsluitend de rechter dan wel de hierboven genoemde Ge-schillencommissie is bevoegd van geschillen kennis te ne-men.

ARTIKEL 16 - NAKOMINGSGARANTIE

  1. HISWA Vereniging staat garant voor de nakoming van de bindende adviezen door haar leden, tenzij het lid besluit het bindend advies binnen twee maanden na de verzending hiervan, ter toetsing aan de rechter voor te leggen. Deze garantstelling herleeft, indien het bindend advies na toetsing door de rechter in stand is gebleven en het vonnis waaruit dit blijkt, in kracht van gewijsde is gegaan. Tot maximaal een bedrag van € 10.000,-- per bindend advies, wordt dit bedrag door HISWA Vereniging aan de consument uitgekeerd. Bij bedragen groter dan € 10.000,-- per bindend advies, wordt de consument een bedrag van  € 10.000,-- uitgekeerd. Voor het meerdere heeft HISWA Vereniging een inspanningsver-plichting om ervoor te zorgen dat het lid het bindend advies nakomt.
  2. Voor toepassing van deze garantie is vereist dat de consu-ment een schriftelijk beroep hierop doet bij HISWA Vereni-ging en dat hij zijn vordering op de ondernemer overdraagt aan HISWA Vereniging. Indien de vordering op de onder-nemer meer bedraagt dan € 10.000,--, wordt de consument aangeboden zijn vordering voor zover die boven het bedrag van € 10.000,-- uitkomt over te dragen aan HISWA Vereni-ging, waarna HISWA Vereniging op eigen naam en kosten de betaling daarvan zal vragen ter voldoening aan de consu-ment.

3.   HISWA Vereniging verschaft geen nakomingsgarantie indien, voordat ten behoeve van het in behandeling nemen van het geschil door de consument is voldaan aan de daartoe be-paalde formele innamevereisten (betaling klachtengeld, re-tournering ingevuld en ondertekend vragenformulier en even-tuele depotstorting), van één van de volgende situaties spra-ke is:

      -     aan het lid is surséance van betaling verleend;

      -     het lid is failliet verklaard;

      -     de bedrijfsactiviteiten zijn feitelijk beëindigd.
Bepalend voor deze situatie is de datum waarop de bedrijfs-beëindiging in het Handelsregister is ingeschreven of een eerdere datum, waarvan HISWA Vereniging aannemelijk kan maken dat de bedrijfsactiviteiten feitelijk zijn beëindigd.

 

ARTIKEL 17 - AFWIJKINGEN VAN DE VOORWAARDEN

Individuele afwijkingen, waaronder begrepen aanvullingen dan-wel uitbreidingen, van deze voorwaarden worden schriftelijk vastge­legd.

 

ARTIKEL 18 - WIJZIGINGEN

HISWA Vereniging zal deze Algemene Voorwaarden slechts wij-zigen in overleg met de ANWB en de Consumentenbond.

Stallingreglement

Stallingreglement

Aanvullend stallingreglement                                                                                                                                             Als bedoeld in artikel 17 van de HISWA “algemene voorwaarden huur- en verhuur lig en-/of bergplaatsen (voor vaartuigen en aanverwante artikelen)”

Aanvullend reglement terrein Jachthaven de Lunenburg

Werkzaamheden

- De huurder maakt aan het begin van de huurperiode kenbaar welke werkzaamheden uitgevoerd gaan worden tijdens de stallingperiode en tekent hiervoor op de stallingverklaring.

- Schuren mag alleen gebeuren met stofafzuiging. Bij harde wind en regen mag er niet geschuurd of gekrabd worden. Leg bij schuur-, krab- en verfwerkzaamheden altijd een zeil onder de boot.

- De huurder dient vooraf toestemming te vragen aan de beheerder om buitenfirma’s en derden het stallingterrein op te laten om werkzaamheden uit te voeren aan de gestalde boot.

- De huurder zorgt ervoor dat er geen spullen rondom of onder de gestalde boot blijven liggen.

 

Het terrein

- Bezoekers en bedrijven dienen zich te melden bij de beheerder

- De huurder dient zelf zijn eigen afval af te voeren of kan dit tegen betaling bij de Jachthaven inleveren. Het afval dient hiervoor wel gescheiden gedeponeerd te worden.

- Honden moeten aan de lijn, uitwerpselen dienen opgeruimd te worden.

- Ouders letten op hun kinderen

- Het is niet toegestaan binnen het werkgebied van heftrucks en botenwagens te komen

- Fietsen in de stalling plaatsen

- Parkeren in de vakken

- Let op de hellingkabel

- Wegsleep regeling (bij fout of illegaal parkeren)

 

Bij de steigers

- * Het is niet toegestaan hinderlijk lawaai te maken

- Er mogen geen afvalstoffen afkomstig uit het boordtoilet in het water geloosd worden, evenals olie, vet, huishoudelijk afval e.d.

- * Het is niet toegestaan motoren te later draaien anders dan om de boot te verplaatsen

- * Het is niet toegestaan elders een ligplaats te nemen anders dan toegewezen.

- Er mag niet met gehesen zeilen, een onveilige en voor andere mensen hinderlijke snelheid worden gevaren.

- Men dient op een behoorlijke manier af te meren en de plaats in een verzorgde staat achter te laten.

- * Een open vuur is niet toegestaan (incl. barbecue)

- * Er mogen geen eigendommen onbeheerd buiten het vaartuig blijven liggen

- * Zwemmen en duiken is verboden

- * Er mag in de haven niet overnacht worden en het vaartuig mag niet gebruikt worden als woon/verblijfplaats

- Er mogen geen autobanden gebruikt worden

- Het is verboden andermans vaartuig te verplaatsen

- Er mogen geen generatoren gebruikt worden

- Vissen is verboden

- Zonder toestemming mogen er geen zaken bevestigd of veranderd worden aan de steigers en loopbruggen

- De Lunenburg is eigen terrein en hier zijn de ‘HISWA algemene voorwaarden huur en verhuur lig- en/of bergplaatsen (voor vaartuigen en aanverwante artikelen’ van kracht evenals de ‘ECB eisen keurmerk veilige botenstalling’. (van een ieder wordt verwacht dat hij/zij deze regels kent, een exemplaar van het reglement is verkrijgbaar bij de beheerder)

 

* de beheerder kan voor deze punten eventueel vrijstelling verlenen

 Conform ECB                                                                                                                                                                                                                                                                 
 DEEL 1 – Preventieve eisen / Organisatorische eisen

Nr. Omschrijving

2. Gasflessen dienen buiten de stalling te zijn opgeslagen.

De eigenaar van de boot zet zijn handtekening onder een verklaring dat hij geen gasflessen in zijn boot aanwezig heeft gedurende de tijd dat de boot in opslag is. Deze verklaringen worden door de stallingeigenaar gearchiveerd.

3. In de stallingloods mag, in welke vorm dan ook, géén benzine zijn opgeslagen.

De eigenaar tekent een verklaring dat de benzine tanks van de opgeslagen boot leeg zijn.

Noot: kleine buitenboordmotoren met integrale benzine tank mogen worden ‘droog-gedraaid’ en daarna worden opgeslagen aan boord van het gestalde vaartuig.

4. Het is niet toegestaan de (scheeps-)verwarming te gebruiken zonder direct toezicht.

5. Tijdens de stalling is het niet toegestaan om werkzaamheden aan, in of op het vaartuig te (laten) verrichten.

Noot: Alléén met toezicht van de beheerder mogen werkzaamheden worden uitgevoerd.

6. Tijdens het stallen is het niet toegestaan brandgevaarlijke werkzaamheden uit te voeren.

Noot: bijvoorbeeld lassen, slijpen, branden en werken met open vuur.

7. In de stallingloods geldt een absoluut rookverbod.

9. Na werktijd wordt de stallingloods afgesloten

10. Toegang tot de loodsen is alleen mogelijk met de elektronische beveiligingssleutel. Deze sleutel staat op naam en mag zonder toestemming niet gebruik worden om niet gerechtigde personen binnen te laten.

 DEEL 3 – Preventieve eisen/Elektrische eisen

Nr. Omschrijving

17. Het is niet toegestaan (scheeps)accu’s op te laden zonder direct toezicht

19. De in de stallingloods aanwezige accu’s dienen van het (boord)net te zijn ontkoppeld.

De eigenaar van de boot zet zijn handtekening onder een verklaring dat hij zijn accu’s heeft ontkoppeld. Deze verklaringen worden door de stallingeigenaar gearchiveerd.

Noot: Tenzij er direct toezicht wordt gehouden

20. De in de stallingloods aanwezige accu’s dienen te zijn voorzien van isolerende kappen.

Noot: Tenzij er direct toezicht wordt gehouden.

 DEEL 4 – Preventieve eisen/Afvalbeheer

Nr. Omschrijving

21. Afval dient direct na het uitvoeren van werkzaamheden naar buiten te worden afgevoerd. Deze eis is opgenomen in de voorwaarden van de stallingeigenaar.

Noot: let speciaal op tweecomponenten afval en poetsdoeken.

26. Het is niet toegestaan om binnen 10 meter van de gevel brandbare goederen (afval, hout, enz) op te slaan.






Snelkoppelingen